|
Het eiland werd rond 650 in gebruik genomen door de Arawaks uit Zuid-Amerika die het eiland Xaymaca noemden. Rond 1400 kwamen de Cariben, een kannibalistische stam uit Zuid-Amerika, het vredige bestaan van de Arawaks verstoren. In 1494 werd het eiland ontdekt door Christoffel Columbus die het tot 1509 als privé-eiland gebruikte waarna de Spanjaarden het eiland Santiago noemden en er vanaf 1517 Afrikaanse slaven lieten komen. De Arawaks werden uitgeroeid door een combinatie van besmettelijke ziektes, slavernij en oorlog. In 1655 werd Jamaica veroverd door de Engelsen. De Spanjaarden die er woonden vluchtten naar Cuba. Ze lieten hierbij hun slaven achter op Jamaica. In 1658 probeerden de Spanjaarden tevergeefs het eiland weer in te nemen. In 1670 werd Jamaica formeel aan Engeland overgedragen. In 1690 kwamen de slaven op het gehele eiland in opstand. In 1694 verwoestte een Franse vloot meer dan 50 suikerrietplantages. In 1739 tekenden de marrons (een groep ontsnapte slaven), een verdrag met de Engelsen. Ze kregen land en zelfbestuur. Als tegenprestatie beloofden ze te helpen nieuwe opstanden te onderdrukken. Er brak er een nieuwe opstand uit in 1760 en de marrons hielpen die onderdrukken. In 1795 raakten de marrons opnieuw in oorlog met de Engelsen. In 1807 werd door de Engelsen de slavenhandel afgeschaft. Een slavenopstand rond de stad Montego Bay werd in 1831 nog hard afgestraft. In 1834 werd de slavernij in Engeland geheel afgeschaft en in 1838 werd dat doorgevoerd in Jamaica. In 1944 kreeg Jamaica volledig zelfbestuur en algemeen kiesrecht, en het land werd onafhankelijk in 1962. In de Engelse tijd was de gouverneurszetel van Jamaica eerst Port Royal. Nadat deze stad in 1692 na een aardbeving in zee zonk, werd de hoofdstad verplaatst naar Spanish Town. Sinds 1872 is Kingston de hoofdstad. Bron: Wikipedia.nl |
|